| |||||
Grens tussen werk en pensioen steeds vager
Pensionering is niet meer een resolute grens tussen werk en privéleven. Werknemers zullen zich steeds vaker geleidelijk van de arbeidsmarkt terugtrekken. De grens tussen werk en pensioen wordt vager. Dat stelt hoogleraar Pensioensociologie Kène Henkens vrijdag 10 december in zijn inaugurele rede aan de Universiteit van Tilburg.
In de periode 2002 tot 2007 groeide het aandeel vroeggepensioneerden dat weer actief werd op de arbeidsmarkt toe van 16 tot 23%. Dit varieert van oproepkracht bij de oude werkgever als kleine zelfstandige of gewoon in loondienst. Het percentage dat wel de ambitie heeft te werken, maar er niet in slaagt werk te vinden nam ook toe: van 6 tot 10%. Reageer, print of deel dit artikel:ReageerReacties op dit artikel:
Irene Reydon |
22 maart 2011 (13:34)
Ja, deze grens voor vast personeel wordt steeds vager, maar op de werkvloer verandert er niets. Terwijl de pensioenleeftijd verhoogd is/wordt naar 66 jaar, komt het zelden voor dat een werkgever een nieuwe medewerker van boven de 55 jaar aantrekt. De uitstroom van medewerkers in vaste dienst blijft, zolang er nog oude rechten en regelingen bestaan nog doorgaan. De samenleving is veranderd, en dit heeft een ontgroening tot gevolg. Welke werkgevers of ondernemers durven echte 55-plussers aan te nemen voor werk waar zij voor zijn opgeleid en ervaring in hebben? Zij hebben nog 11 werkjaren die zij heel graag ten dienste van een organisatie of in de samenleving betaald willen werken.
|
|||||